Bijeenkomsten:

26 februari 2026 met Finn Dubbelboer

Wie is Finn?

Finn is experimenteel audioloog en wetenschapper. Hij richt zich op onderzoek en ontwikkeling rond gehoorproblematiek. Spraakverstaan is een van zijn belangrijkste aandachtsvelden.

Kun je deze twee voorwerpen met elkaar vergelijken?

Finn Dubbelboer vindt van wel:
“Een hoortoestel is als een rolstoel. Door een rolstoel leer je niet lopen. En door een hoortoestel leer je niet horen. Maar ze helpen wel om je te verplaatsen en mee te kunnen doen.”

Wat kwam Finn vertellen op de Hoor-Tea?

Finn gaf onafhankelijke informatie en veel objectieve feiten. Hij is niet verbonden aan een gehoorwinkel.

Waar ging de presentatie zoal over?

Over een audiogram en de ‘spraakbanaan’ en de ‘komkommer’

  • De spraakbanaan zie je afgebeeld op een audiogram. Dit is het gebied waarin de meeste spraakklanken vallen.
  • Bij gehoorverlies vallen meestal eerst de hogere frequenties weg. Dat zijn medeklinkers zoals s, f, t, k, p, sj en ch. Dit zijn korte en scherpe klanken die woorden hun scherpte geven en die belangrijk zijn voor het herkennen – het begin en het einde – van woorden.
  • Klinkers (a, e, o, oe) blijven vaak langer hoorbaar. Je hoort dan wel dát iemand praat, maar je herkent niet altijd het woord dat gezegd wordt.

Hoe zit het met die komkommer?

  • Een hoortoestel versterkt vooral zachte en hoge tonen. Op het audiogram zie je dan dat de banaan als het ware omhoog wordt getrokken tot een smallere, rechtere vorm: de komkommer.
  • De hoge medeklinkers worden versterkt en zijn daardoor beter hoorbaar. Woorden zijn dan makkelijker te onderscheiden.
  • Het gehoor wordt echter niet ‘normaal’. Klanken kunnen door een hoorapparaat scherper of kunstmatig klinken. In rumoer blijven medeklinkers vaak moeilijk te onderscheiden.
  • Zonder hoortoestel hoor je vooral klinkers, waardoor spraak als een soort gemompel kan klinken. Mét hoortoestel worden zachte medeklinkers versterkt en krijgen woorden weer contouren.

De verschillen tussen de banaan en de komkommer zijn zichtbaar op een audiogram. Op een audiogram staat altijd een nullijn. Dit is de drempel die aangeeft wat normaalhorenden gemiddeld horen. Hier kan een addertje onder het gras zitten, want als jouw gehoor afwijkt van het gemiddelde, dan kan jouw gehoorbeleving anders zijn dan de nullijn suggereert. Het kan dan zijn dat je geen hoorapparaat ‘krijgt’ omdat je (volgens de nullijn) nog goed hoort.

Als je een hoorapparaat nodig hebt, maar het niet draagt, bestaat de kans dat je woorden gaat missen of verkeerd interpreteren. Bijvoorbeeld:

  • “vis” klinkt als “.i.”
  • “sap” klinkt als “.ap”
  • “fiets” klinkt als “.ie..”

Binnen de audiologische gemeenschap bestaan twee benaderingen of scholen.
Eén school is van mening dat de f-, t- en s-klanken zo belangrijk zijn dat een hoorapparaat deze vooral moet versterken. Het is dan belangrijk dat je zelf goed oplet wat het beste bij jouw gehoor past. De andere benadering vindt vooral dat het hoorapparaat comfortabel moet zijn. Het hoorapparaat wordt dan minder scherp afgesteld, zodat je bijvoorbeeld niet schrikt wanneer iemand een krant openslaat. Ook hier geldt: wat past het beste bij jou?

Hoe werkt het gehoor Ter illustratie van de anatomie en fysiologie van het gehoor liet Finn een vergelijkbare afbeelding zien:

Het gehoor begint bij de oorschelp, die links en rechts kan verschillen. Door de kronkels en bobbeltjes wordt geluid al enigszins gefilterd. Via de gehoorgang gaat het geluid naar het trommelvlies, dat gaat meetrillen.

Achter het trommelvlies zitten drie kleine gehoorbeentjes:
de hamer, het aambeeld en de stijgbeugel. Zij versterken de trillingen en geven deze door aan het binnenoor.

De trillingen komen vervolgens in het slakkenhuis (cochlea). Daar bevindt zich vloeistof en ongeveer 20.000 kleine trilhaartjes. Deze trilhaartjes zetten mechanische trillingen om in signalen.

Via de gehoorzenuw gaan deze signalen naar de hersenen. Daar wordt het geluid herkend als spraak, muziek of lawaai, en wordt ook bepaald waar het geluid vandaan komt. In dit complexe systeem kan op verschillende plaatsen iets misgaan. Daardoor kan gehoorverlies ontstaan, dat per persoon – en zelfs per oor – kan verschillen.

Enkele voorbeelden van gehoorverlies

Presbyacusis

Dit wordt ook ouderdomsslechthorendheid genoemd. Het begint vaak met het slechter horen van hoge tonen. Ook wordt het moeilijker om gesprekken te volgen in een rumoerige omgeving. Je hoort wel stemmen, maar het onderscheiden van woorden wordt lastiger.

Conductief of Geleidingsverlies

Dit ontstaat wanneer (een of meerdere van) de gehoorbeentjes niet goed werken. Ook een prop in het oor of vocht achter het trommelvlies door bijvoorbeeld een ontsteking kan dit veroorzaken. Geluid komt wel binnen, maar kan minder goed worden doorgegeven.

Perceptief gehoorverlies

Dit ontstaat wanneer het slakkenhuis niet meer goed functioneert omdat haarcellen zijn verdwenen. Deze haarcellen analyseren en transporteren de geluidstrillingen.

Met het ouder worden kunnen vooral de haarcellen voor hoge tonen verdwijnen. Een gehoorapparaat kan deze tonen versterken, maar de verwerking van het geluid blijft moeilijker. Je weet dan niet altijd precies wát je hoort. Omgevingsruis kan dit nog lastiger maken. Het volgen van een gesprek kost daardoor vaak veel meer energie dan bij normaalhorenden.

Het brein speelt ook een rol

Het tempo waarin je kunt vertalen wat je hoort is eveneens belangrijk. Dit gaat vaak wat trager bij het ouder worden en is moeilijk te beïnvloeden.

Er wordt veel onderzoek gedaan naar:

  • de relatie tussen cognitief functioneren en gehoorverlies
  • het mogelijke verband tussen gehoorverlies en dementie

Het brein speelt een grote rol bij het interpreteren van geluid. Ook kost het tijd om aan een hoorapparaat te wennen. Een interessant onderwerp voor een volgende Hoor-Tea: het samenspel tussen brein en gehoor.

Invloed van externe factoren

Ook externe factoren beïnvloeden het gehoor, zoals:

  • galm in een ruimte
  • slechte akoestiek
  • een onbekende taal of dialect
  • harde wind buiten, verkeer

Akoestiek kan verbeterd worden met kleden, gordijnen, planten en zachte materialen.

Dit alles laat zien dat ieder gehoorverlies anders is en dat er geen ‘one-size-fits-all’ hoorapparaat bestaat.

Waar moet je op letten bij de aanschaf van een hoorapparaat?

Denk goed na over wat voor jou belangrijk is en waar je hoorapparaat op afgesteld moet worden. Want als je een hoorapparaat koopt en accordeon speelt, dan wil je kunnen horen wat je zelf speelt. Maar als je hoorapparaat daar op afgesteld is, is het de vraag of dit niet ten koste gaat van het volgen van een gesprek. Dit ligt ook aan het aantal chips of processors.

Hoe meer chips of processors een hoorapparaat heeft, hoe meer mogelijkheden er zijn om geluid aan te passen. Volgens Finn heeft dat voordelen, hoewel het apparaat dan wel duurder is. Het is van belang dat je doorvraagt in de gehoorwinkel en zegt wat voor jou van belang is.

  • Waar dienen de verschillende chips voor?
  • Kunnen ze apart worden ingesteld?
  • Hoe werkt dat?
  • Hoe lang kun je een apparaat uitproberen?
  • Wat zijn de kosten?

Tijdens het uitproberen is het belangrijk dat je goed let op wat je wél en niet hoort.

  • Heb je merkbare verschillen tussen links en rechts
  • Zijn de hoge en lage tonen in balans
  • Is het situatieafhankelijk dat je soms beter en soms slechter hoort?

Probeer zo precies mogelijk te beschrijven wat je wil horen en hoe je het gehoor met het hoorapparaat ervaart. Een opmerking als “ik hoor niks” is voor een audicien onvolledig en moeilijk te gebruiken bij het afstellen van het apparaat op wat jij wil en kan horen.

Als een hoorapparaat tegenvalt

Soms blijkt ook een duur apparaat (3000 tot 6000 euro per paar) niet goed te voldoen. Hoorapparaten belanden dan soms in een la, terwijl een nieuwe vergoeding nog niet mogelijk is.

De vergoeding verschilt per zorgverzekeraar. Meestal krijg je eens per vijf jaar een vergoeding. Soms moet je een eigen bijdrage betalen, bijvoorbeeld voor:

  • uitgebreidere modellen
  • onzichtbare apparaten
  • AI-toepassingen
  • streamingmogelijkheden
  • bediening via de smartphone

Er is veel op de markt en veel in ontwikkeling. Tegelijk kan voor sommige mensen een basisapparaat al voldoende zijn.

Ook gehoorwinkels verschillen onderling in:

  • service
  • merken
  • prijzen

Gezien signalen over tegenvallende hoorapparaten adviseert Finn om vragen of ervaringen te melden bij Hoormij. Dit kan ook via Jolanda: hartvoorgehoor@gmail.com

Het voordeel daarvan is dat klachten en ervaringen geïnventariseerd en gebundeld kunnen worden.

De samenhang tussen evenwicht en gehoorverlies

In de schedel bevindt zich naast het slakkenhuis het evenwichtsorgaan of vestibulaire systeem. Dit speelt een rol bij evenwicht en ruimtelijke oriëntatie. Hoe gehoor en evenwicht elkaar beïnvloeden wordt nog onderzocht. Ook medicatie kan invloed hebben op gehoor én evenwicht. Bij sommige aandoeningen gaan gehoorverlies en problemen met het vestibulaire systeem samen. Misschien ook een goed onderwerp voor een Hoor-Tea: Valpreventie en gehoorverlies.

Wat is het Audiowonder-project?

Finn vertelde over het Audiowonder-project. Dit project richt zich op een nieuw systeem voor live muziek, bijvoorbeeld in het Concertgebouw. Het geluid van een orkest wordt via een microfoon opgevangen en via een zender doorgestuurd naar een kastje dat het geluid versterkt. In de toekomst is het de bedoeling dat dit systeem kan worden afgestemd op je eigen hoorapparaat. Bezoekers kunnen zich dan bij een desk melden om het systeem aan te passen. Er worden nog proefpersonen gezocht. Wie interesse heeft kan dit via Jolanda laten weten.

Tot slot

Er is veel te koop en in ontwikkeling om gehoorproblemen te compenseren. Gehoorverlies kan verschillende oorzaken hebben en verschilt van persoon tot persoon. Kennis hierover is belangrijk, zowel voor onszelf, familie als voor professionals. Hopelijk heeft deze Hoor-Tea hieraan een bijdrage geleverd.

In ieder geval zijn er veel onderwerpen naar voren gekomen voor de toekomstige Hoor-Tea’s.  En je raadt het al: daar geven we graag gehoor aan!